QI GONG is een veelbelovend middel in de strijd tegen kanker
Voor zover bekend, is kanker een haast ongeneeslijke ziekte en er wordt gezegd dat er om de zes seconden ergens ter wereld iemand aan kanker sterft.
Vandaag zijn de gebruikelijke behandelingen voor kanker chirurgie, chemotherapie en radiotherapie en men is nog ver van het vinden van een gepaste remedie. Onderzoek naar preventie en genezing door middel van qi gong staat nog maar in zijn kinderschoenen. Toch heeft qi gong reeds voor vele kankerpatiënten, waaronder er veel terminaal waren, soelaas tot zelfs genezing gebracht. Het spreekt voor zich dat er vele sceptici zijn. Alles heeft immers zijn tijd nodig om ingeburgerd te geraken.
Bij Guo Lin, een 49 jarige schilderes aan de Beijing studio voor Chinese schilderkunst, werd een hersentumor vastgesteld. Zij was op dat ogenblik op de top van haar artistieke carrière. Na zes chirurgische ingrepen stond ze aan de rand van de dood. Haar wil tot leven en het verder zetten van haar kunst, hebben er haar toe aangezet om met qi gong onderzoek te beginnen. Dit had zij immers geleerd van haar taoïstische grootvader, doch door de Japanse onlusten en de revolutie was die kennis wat in de vergetelheid geraakt.
Op basis van de traditionele qi gong theorie en haar eigen conditie ontwierp ze een reeks qi gong oefeningen, die later bekendheid verwierf als de Guo Lin's nieuwe qi gong therapie. Zij nam elementen op van de dieren qi gong van Dr. Hua Tuo.
De hoofdzaak daarvan is langzaam wandelen, wat aan te bevelen valt voor de zwakke constitutie van kankerpatiënten. Zij volharde in de oefening en overwon haar kanker. Zij verkreeg opnieuw haar levenskracht en werd zo sterk dat ze gemakkelijk achttien uur per dag kon werken. Zij creëerde een precedent voor kankerbehandeling met qi gong en leefde nog tot haar zeventigste.
In 1970 begon zij met het behandelen van andere kankerpatiënten. Na meer dan tien jaar had ze reeds overweldigende ervaring opgedaan en bereikte ze bemoedigende resultaten. In verschillende parken in Peking onderwees zij haar nieuwe qi gong therapie aan kankerpatiënten, waar er tussen 1970 en 80 door haar meer dan 8000 mensen begeleid werden, de meeste onder hen kankerpatiënten. Tot vandaag ziet men dagelijks in de parken mensen trage, rustige en ronde bewegingen inoefenen. Zij letten niet op hun omgeving en gaan geheel in hun bezigheden op. Zij mogen dan ook absoluut niet gestoord worden, want het zijn veelal chronische zieken die op deze manier tot genezing proberen te komen.
In 1979 werd er onderzoek verricht bij twintig patiënten die door haar begeleid werden. Artsen hadden voorspeld dat deze mensen niet langer dan drie tot zes maanden te leven hadden. Niettegenstaande dat gingen ze toch door met beoefenen van qi gong onder leiding van Guo Lin en overleefden allen met één tot vijf jaar de datum van het onderzoek. Acht onder hen herwonnen volledig hun gezondheid en konden hun originele werk hervatten, zeven herwonnen een basisgezondheid en konden een halftime job aan.
In 1980 selecteerde een kankerinstituut in Peking zeven patiënten om qi gong te leren bij Guo Lin en de resultaten van zeer nabij te volgen. Bij alle zeven was de diagnose : longkanker. Vijf onder hen hadden een chirurgische ingreep ondergaan en twee waren niet opereerbaar wegens te zwakke conditie. Hun gemiddelde leeftijd was 50 jaar.
Na een half jaar qi gong beoefening waren hun symptomen merkelijk verbeterd. Radiografieën van de borst toonden geen vergroting aan van het gezwel in de twee niet opereerbare gevallen en geen nieuwe haarden bij de vijf andere.
Guo Lin zegt over qi gong : " Qi is ongrijpbaar en onzichtbaar, doch wel op verschillende manieren waarneembaar, bijvoorbeeld door een zacht tintelend gevoel, een warmte gevoel, lichte jeuk van de huid tot zelfs zachte elektrische schokjes.
Bij qi gong meesters werd zelfs door middel van moderne wetenschappelijke apparatuur een verhoogde elektronenemissie vastgesteld met daarbij horende elektromagnetische velden. De oude theorie over het qi wordt door de huidige kennis van de structuur van atomen en elementaire deeltjes (kwantumfysica) gestaafd.
Verder zegt zij nog over kanker : "Het grote gevaar van kankercellen is het enorme tempo waarin ze zich vermeerderen. Het qi gong bespoedigt het inwendige cellulaire omzettingsproces (ionenuitwisseling, enz). De kankercellen kunnen er behoorlijk door gestoord worden en zelfs vernietigd. Het geïntensiveerde qi kan vervolgens de afbraakproducten opruimen. Door het herstel van het afweermechanisme wordt de bedreiging van de kankercellen minder. Alleen in een weerloos mechanisme kan een gezwel groter worden, zich uitbreiden en metatasteren."
Het is wetenschappelijk bewezen, dat door de oefeningen verhoogde elektrische potentiële energie in het lichaam wordt geproduceerd, die sneller circuleert. Dat beschermt de organen tegen uitzaaiing van de kankercellen. Door het qi gong wordt de ziektehaard geïsoleerd, ingesloten en uitgehongerd en wordt de ontsnapping geïsoleerd.
Bij qi gong therapie vinden in het lichaam, figuurlijk gezien, twee processen plaats : aanval en afweer. De therapie wordt afgesteld op de ziekte. Bij bronchitis, astma of longemfyseem gaat men eerst tot de 'aanval' over. Bij hartpatiënten, mensen met hoge bloeddruk, een ontstoken lever of suikerziekte, begint men met het afweerprogramma. Bij kankerpatiënten wordt vooral gebruik gemaakt van het "wind ademen", bij chronische ziekten werkt men vooral met qi ademen of natuurlijk ademen. Hartpatiënten mogen beslist niet "wind ademen", maar uitsluitend qi ademen.
Aan het begin van de behandeling is het belangrijk dat men bij de patiënt elke twijfel over mogelijk herstel wegneemt en vertrouwen installeert. Na korte tijd van oefenen zullen de patiënten al wat meer eetlust krijgen, beter slapen en minder pijn hebben. Dit zijn voortekenen van beginnend herstel.
Men moet dan blijven dooroefenen, vooral het wind ademen. De in grotere mate geproduceerde en versnelde actiestromen met de bijbehorende elektromagnetische velden helpen het gezonde bij het afweren en vernietigen van kankercellen. Door het wind ademen worden de longen van zuurstof voorzien en neemt het lichaam een grote hoeveelheid zuurstof of. De zuurstof verhindert de pathologische ademhaling van de kankercellen.
Volgens de kankerdeskundige Wilhelm Reich bestaan er grote bio-energetische verschillen in intercellulair gedrag tussen gezonde cellen en kankercellen. Daar is tenminste zijn bio-energetische theorie over het ontstaan van kanker gegrondvest. Hier zouden de resultaten van Guo Lin best eens mee vergeleken kunnen worden.










